Voorbeelden van het gebruik van Zwanger in het Nederlands en hun vertalingen in het Frans
{-}
-
Colloquial
-
Official
-
Medicine
-
Financial
-
Ecclesiastic
-
Ecclesiastic
-
Official/political
-
Computer
-
Programming
En we kunnen best zwanger worden als we het proberen.
Jij wist dat Lana zwanger was?
Hij zou me vast toch zwanger en gebroken verlaten hebben.
Ik werd zwanger toen jij in Malkovich zat.
Ja, Shelley werd zwanger.
Bedoel je dat je zwanger bent?
Kort daarna werd Hope zwanger.
Mijn dochter is zwanger!
Omdat hij zwanger is.
Ik werd zwanger.
Cindy trouwde met Glenn Braggs en werd zwanger.
Ik ben zwanger.
Je bent zwanger.
Je bent zwanger.
In Kinshasa ontmoette ze een man en werd zwanger.
Ben je natuurlijk zwanger geworden?
niet zwanger maken.
Mijn vader zei dat hij zwanger was.
Ik wist niet eens dat ze zwanger was.
Je bent niet echt zwanger.