Voorbeelden van het gebruik van Ander persoon in het Nederlands en hun vertalingen in het Spaans
{-}
-
Colloquial
-
Official
-
Medicine
-
Financial
-
Ecclesiastic
-
Ecclesiastic
-
Official/political
-
Computer
-
Programming
Ze fantaseert gewoon dat ik een ander persoon ben.
Ze werd een ander persoon.
De hele tijd zag ik niet een ander persoon.
Hij wordt een ander persoon.
Donna, ze was een ander persoon.
Dat betekent dat je letterlijk een ander persoon bent.
Een tegenstander of ander persoon bespuwen.
Zoals… een ander persoon.
Inclusief het niet wensen om onder grote groepen te zijn of misschien zelfs één ander persoon.
M'n vrouw dwong mij een ander persoon te zijn.
Want toen was ik een ander persoon.
De opgestane Lazarus was niet een ander persoon met een gereïncarneerde geest.
Je doelt op een ander persoon.
Het is alsof hij ineens een ander persoon werd.
Na een tijdje merk je dat je een ander persoon bent geworden.
Het is gewoon omdat je een ander persoon wordt.
Je werd een ander persoon.
Ik kan niet meer terug naar gisteren want toen was ik een ander persoon.
Nadat je dit geneesmiddel gedronken hebt, zal je een ander persoon zijn.
Phen375 heeft laten zien door een ander persoon die blij het voordeel van Phen375 te verkrijgen zoals hieronder.