BAAS IS - vertaling in Spaans

es el jefe
de baas zijn
de baas worden
het hoofd worden
de chief zijn
de hoofdman zijn
commissaris worden
jefe está
manda
stuur
baas
sturen
gebiedt
laat
zendt
beveelt
zend
opdraagt
está a cargo
de leiding
de baas zijn
está al mando
de leiding
es dueño
bezitten
eigenaar zijn
is het bezit
jefe ha
es el que manda
es la jefa
de baas zijn
de baas worden
het hoofd worden
de chief zijn
de hoofdman zijn
commissaris worden
era el jefe
de baas zijn
de baas worden
het hoofd worden
de chief zijn
de hoofdman zijn
commissaris worden
jefe estará
jefa está
sea el jefe
de baas zijn
de baas worden
het hoofd worden
de chief zijn
de hoofdman zijn
commissaris worden

Voorbeelden van het gebruik van Baas is in het Nederlands en hun vertalingen in het Spaans

{-}
  • Colloquial category close
  • Official category close
  • Medicine category close
  • Financial category close
  • Ecclesiastic category close
  • Ecclesiastic category close
  • Official/political category close
  • Computer category close
  • Programming category close
Als je mam de baas is stel je het goed.
Cuando tu mamá es la jefa, te va bien.
De baas is neergestoken!
El jefe ha caído!
Zo toon je hen wie de baas is.
Así es como les muestras quien está a cargo.
Laat haar zien wie de baas is.
Vamos, muéstrale quién manda.
Als hij Turners baas is, moet hij echt stoer zijn..
Si él era el jefe de Turner, debe de ser todo un tipo duro.
Als je vrouw de baas is, ga daar zitten.
Si su esposa es la jefa, siéntense ahí.".
Mijn baas is eerder teruggekomen.
Mi jefe ha vuelto antes.
Wil je lootjes trekken over wie de baas is dan?
¿Quisieras apostar para saber quien está a cargo, entonces?
Leer ze een lesje, dan vergeten ze niet wie de baas is.
Darles una buena lección para que no se les olvide quién manda.
De baas is er binnen vijf minuten.
El jefe estará aquí en cinco minutos.
Ik liet hem zien wie de baas is, althans, dat heb ik geprobeerd….
Les mostré quién era el jefe, bueno, lo intenté….
Je vergeet wie hier de baas is.
Parece que olvidas quién es la jefa.
De baas is overleden.
El jefe ha muerto.
Denk je echt dat zij de baas is, hier?
¿Realmente crees que ella está a cargo aquí?
Toon ze wie de baas is.
Demostrémosle quién manda.
De baas is levendig.
La jefa está llamando.
Je baas is er over 20 minuten.
Tu jefe estará aquí para recogerte en 20 minutos.
Ik moest hem laten voelen wie de baas is.
Tenía que recordarle quién era el jefe.
Heb je Nico Reilly getoond wie de baas is?
¿Le enseñaste a Nico Reilly quien es la jefa?
Ze moeten weten wie er de baas is.
Sólo necesitan que se les recuerde quién está a cargo.
Uitslagen: 605, Tijd: 0.0938

Woord voor woord vertaling

Top woordenboek queries

Nederlands - Spaans