Voorbeelden van het gebruik van Het lot in het Nederlands en hun vertalingen in het Spaans
{-}
-
Colloquial
-
Official
-
Medicine
-
Financial
-
Ecclesiastic
-
Ecclesiastic
-
Official/political
-
Computer
-
Programming
Het lot is blind.
Het lot treft ons hard.
Het lot bestrijden is dwaas, maar ik wil het wel misleiden.
Je kunt het lot niet tegen gaan.
Waarom wil het lot niets met ons?
En het lot dwarsbomen?
Waarom het lot tarten, nietwaar?
Het lot wilde dat de camera begon te mislukken juist op dat moment.
Ik hou het lot van je vriendin in mijn handen.
Laat het lot gewoon zijn werk doen.
Maar waarom het lot verleiden?
Waarom liet God het lot op u vallen al die jaren terug?
Het lot van Israël obsedeerde hem.
Niets anders dan het lot van het leven op aarde.
Ik weet dat Albanië het ergste lot heeft in Europa.
Het lot is mij goedgezind.
Het lot heeft me bij deze zaak betrokken.
In werkelijkheid is het lot van Osbert veel erger dan de dood.
We laten het lot beslissen.
Het lot… kan gemanipuleerd worden.