Voorbeelden van het gebruik van Hij koopt in het Nederlands en hun vertalingen in het Spaans
{-}
-
Colloquial
-
Official
-
Medicine
-
Financial
-
Ecclesiastic
-
Ecclesiastic
-
Official/political
-
Computer
-
Programming
Geen investeringen. Hij koopt geen kunst.
In de ijzerwinkel, hij koopt lampen voor zijn vader.
Ja, hij koopt een lege body bij de veiling.
Hij koopt groente.
Hij koopt er een paar keer per week looseys.
Een speler die chips koopt moet vertellen voor welk bedrag hij chips koopt.
Hoe lang is het stuk dat hij koopt?
Ja, hij koopt z'n koffie bij Starbucks…
Hij koopt bijna alles met het Xiaomi-logo.
Hij koopt de drugs van de Jamaicanen-
Hij koopt een dodelijk gif dat zijn leven eindigt.
Hij koopt geen boot.
Hij koopt haar champagne.
Hij koopt mooie dingen voor me.
Hij koopt een hond.
Hij koopt een Wonka Bar
Hij koopt het restaurant!
Hij koopt ons stilzwijgen.
Hij koopt?
Hij koopt de gele Gallardo.