OPHANGEN - vertaling in Spaans

colgar
ophangen
hang
opknoping
bengelen
ophing
poner
zetten
leggen
brengen
stellen
aantrekken
maken
stoppen
er
worden
steken
ir
gaan
naartoe
weg
komen
vertrekken
zou
weggaan
go
meegaan
terecht
ahorcar
ophangen
wurgen
te hangen
cortar
snijden
knippen
doorsnijden
houwen
cut
hakken
doorknippen
maaien
verbreken
knipsel
ahorcamiento
ophanging
opknoping
ophangen
verhanging
te hangen
colocar
plaats
leggen
zetten
neerzetten
aanbrengen
positioneren
neerleggen
plaatst u
irme
horca
galg
strop
hooivork
ophanging
kraanbalk
opknoping
schavot
ophangen
jib
cuelgue
ophangen
hang
opknoping
bengelen
ophing
cuelgues
ophangen
hang
opknoping
bengelen
ophing
cuelguen
ophangen
hang
opknoping
bengelen
ophing
poniendo
zetten
leggen
brengen
stellen
aantrekken
maken
stoppen
er
worden
steken
ahorquen
ophangen
wurgen
te hangen
ahorcamientos
ophanging
opknoping
ophangen
verhanging
te hangen

Voorbeelden van het gebruik van Ophangen in het Nederlands en hun vertalingen in het Spaans

{-}
  • Colloquial category close
  • Official category close
  • Medicine category close
  • Financial category close
  • Ecclesiastic category close
  • Ecclesiastic category close
  • Official/political category close
  • Computer category close
  • Programming category close
Ophangen of dodelijk- je mag letterlijk je gif kiezen.
Ahorcamiento o inyección letal. Consigues elegir tu veneno, literalmente.
Ik moet ophangen, Judith.
Me tengo que ir Judith.
Ik moet ophangen. Mijn batterij is bijna leeg.
Tengo que cortar, se me termina la batería.
Sorry, Charlie, ik moet ophangen.
Lo siento, Charlie, tengo que irme.
Hij kan geen vrouw ophangen.
No puede ahorcar a una mujer.
Misschien mijn jas ophangen in jouw geheimenkast!
¡Tal vez que cuelgue mi abrigo en tu armario lleno de esqueletos!
Iemand moet deze borden ophangen in het enge deel van het bos.
Alguien tiene que colocar estas señales en la parte espeluznante del bosque.
Ik moet ophangen. Kan ik je terugbellen?
Me tengo que ir.¿Puedo llamarte luego?
Alec, ik moet ophangen.
Alec, te tengo que cortar.
Oké, mam. lk moet ophangen.
Está bien, mamá, tengo que irme.
Staan voor ophangen.
De pie para la horca.
Ze gingen Muff ophangen.
Iban a ahorcar a Muff.
Niet ophangen, ik ben nog niet klaar met schreeuwen!
No, no, no me cuelgues.¡No he terminado de gritarte!
En als het gaat om het ophangen, geven we de voorkeur aan HangOn.
Y cuando se trata del sistema de cuelgue, preferimos HangOn.
Gareth, ik moet ophangen.
Gareth, me tengo que ir.
Je bent aan het rijden, je moet ophangen.
Estás manejando. Tienes que cortar.
Diane, ik moet ophangen.
Diane, tengo que irme.
Hij gaat een plasmascherm ophangen.
Va a colocar una pantalla plana.
Ze moesten die Hawk ophangen.
Deberían ahorcar a Hawk.
Niet ophangen, niet.
No cuelgues. No.
Uitslagen: 1646, Tijd: 0.1076

Top woordenboek queries

Nederlands - Spaans