LA ESPOSA - vertaling in Nederlands

de vrouw
esposa
una mujer
la hembra
de echtgenote
el cónyuge
esposa
la mujer
el marido
las esposas
de bruid
una novia
esposa
de echtgenoot
el marido
el cónyuge
el esposo
vrouw
mujeres
esposa
s vrouw
esposa
una mujer
la hembra
de vrouwen
esposa
una mujer
la hembra

Voorbeelden van het gebruik van La esposa in het Spaans en hun vertalingen in het Nederlands

{-}
  • Colloquial category close
  • Official category close
  • Medicine category close
  • Financial category close
  • Ecclesiastic category close
  • Ecclesiastic category close
  • Official/political category close
  • Computer category close
  • Programming category close
Era la esposa de un Brahmán todavía más famoso.
Ze was getrouwd met een nog beroemdere brahmaan.
¿Cómo puede la esposa cristiana llegar a ser más semejante al Hijo de Dios?
Hoe kan een christelijke echtgenote meer op Gods Zoon lijken?
¿La esposa de Sal Bonpensiero?
Getrouwd met Sal Bonpensiero?
Sí. Era la esposa de ese actor… El que desapareció.
Ze was getrouwd met die verdwenen acteur.
Tal vez la esposa del sargento mayor la entregó al secuestrador.
Waarschijnlijk aan de kidnapper gegeven door de vrouw van de sergeant.
Grey, verás a la esposa del jefe.-¿La esposa del jefe?
Grey, jij let op de vrouw van het hoofd?
Es la esposa a la que hay que culpar.
Het is aan de vrouw te wijten.
La esposa de Fernández, Pilar Fernández,
Fernandez z'n vrouw, Pilar Fernandez,
La esposa de Freddie no es como la de Mitch¿sabes?
Freddy z'n vrouw lijkt niet op die van Mitch?
La esposa dice que ese revolver es de su esposo..
Volgens de vrouw was die .38 van haar man.
Esta mujer es simplemente creada para ser la esposa y madre perfecta.
Deze vrouw is eenvoudigweg gemaakt om de perfecte vrouw en moeder te zijn.
La esposa de Frank la manera en que me miraba.
Frank zijn vrouw… De manier waarop ze me aankeek.
La esposa y la hija del general.
Z'n vrouw en z'n dochter.
Tengo que ir a ver cómo está la esposa del pastor.
Ik moet langsgaan bij de vrouw van de pastoor.
¿No le dijo lo mismo la esposa del acusado?
En is u niet hetzelfde gezegd door de vrouw van de verdachte?
Que la esposa.
Quería ser algo más que la esposa de un granjero con cuatro hijos.
Ze wilde een beter leven dan als vrouw van een katoenboer met vier kinderen.
Ella es la esposa del inglés.
Ze is getrouwd met die Engelsman.
La esposa.¿Por qué no le dijo a Vargas sobre esto?
Z'n vrouw. Waarom heeft ze Vargas niks verteld?
El refugio de la esposa solitaria.
Toevlucht voor de eenzame huisvrouw.
Uitslagen: 5484, Tijd: 0.08

Woord voor woord vertaling

Top woordenboek queries

Spaans - Nederlands