SON PAREJA - vertaling in Nederlands

een stel zijn
son pareja
están juntos
zijn samen
están juntos
fueron juntos
en su conjunto
se han unido
se han reunido
een koppel zijn
somos una pareja
zijn een paar
hay algunos
son algunos
están algunas

Voorbeelden van het gebruik van Son pareja in het Spaans en hun vertalingen in het Nederlands

{-}
  • Colloquial category close
  • Official category close
  • Medicine category close
  • Financial category close
  • Ecclesiastic category close
  • Ecclesiastic category close
  • Official/political category close
  • Computer category close
  • Programming category close
Supongo que son pareja.
Blijkbaar zijn ze samen.
Es raro que ese tipo creyera que son pareja.
Het is raar dat die kerel dacht dat jullie een stel waren.
Sospecho que son pareja.
Ik denk dat jullie partners zijn.
No hablamos desde que ustedes dos son pareja.
We hadden niet meer gepraat sinds jullie een stel werden.
¿Ves eso? RJ y Jenny son pareja.
Zien jullie dat, RJ en Jenny zijn geen echt koppel.
Al parecer, piensan que son pareja.
Ze denken kennelijk dat jullie een koppel zijn.
Y según ellos, juran que no son pareja.
En volgens hen, zweren ze dat ze geen koppel zijn.
Que piensen que son pareja.
Laat ze denken dat jullie 'n stel zijn.
Entonces descubrí que no son pareja.
Zo, ik ben er achter gekomen dat ze geen stel zijn.
Esperen. Ustedes son pareja, no?
Wacht. jullie zijn een koppel, is het niet?
un año menor, son pareja desde 1999.
een jaar jonger, zijn samen sinds 1999.
En este momento no me importa si Gretchen y tú son pareja, salen juntos,
Het kan me echt niets schelen… of jij en Gretchen een stel zijn of uitgaan of een relatie hebben…
Hacen como que son pareja de nuevo, intentando quitarnos lo que es nuestro.
Ze doen alsof ze weer een koppel zijn en proberen af te nemen wat ons toekomt.
se supiera que Maya y tú son pareja.
iedereen weet dat jij en Maya een stel zijn.
En esta misma ciudad viven Vincent y Katherine, quienes son pareja desde hace varios años.
In deze stad leven Vincent en zijn vriendin Katherine, met wie hij al jaren samen is.
Los propietarios son pareja muy simpática(habla bien Inglés)
Het eigenaars echtpaar is zeer sympatiek(spreekt goed engels)
Tienes que buscar las bolas que son pareja, pinchando en la bola mediante el ratón.
Je moet de ballen die zijn partner te vinden, door te klikken op de bal met de muis.
ambos tenían estos pequeños iconos del sol sobre sus cabezas, y ellos son pareja.
Lyn naast elkaar zag staan, hadden ze allebei een zonsymbool op hun voorhoofd, en ze waren een match.
un partidario de sus actividades, son pareja de su homicidio.
een Supporter van hun activiteiten, zijn partner van zijn moord.
¿Y qué hay de la interpretación errónea de que son pareja?
En hoe zit het met het misverstand,… dat jullie een stel zouden zijn?
Uitslagen: 63, Tijd: 0.0702

Woord voor woord vertaling

Top woordenboek queries

Spaans - Nederlands