HABE MAL - vertaling in Nederlands

heb ooit
haben mal
einmal haben
haben jemals
hatten früher
haben schon
haben immer
heb eens
haben mal
haben einmal
heb een keer
haben einmal
haben mal
heb eerder
haben schon
haben bereits
haben zuvor
haben früher
haben eher
haben vorher
had vroeger
haben früher
ben ooit
waren mal
sind jemals
wurde je
heb nog
haben noch
brauchen noch
haben bisher
haben nur
haben doch
gibt noch
sind noch
haben auch
liegt noch
verfügen noch
had ooit
haben mal
einmal haben
haben jemals
hatten früher
haben schon
haben immer
heb vroeger
haben früher
ben eens

Voorbeelden van het gebruik van Habe mal in het Duits en hun vertalingen in het Nederlands

{-}
  • Colloquial category close
  • Official category close
  • Medicine category close
  • Ecclesiastic category close
  • Financial category close
  • Ecclesiastic category close
  • Computer category close
  • Official/political category close
  • Programming category close
Ich habe mal frittiertes Bier gegessen.
Ik heb eens gefrituurd bierbeslag gegeten.
Ich habe mal mit einem Bären geboxt.
Ik heb ooit met 'n beer gebokst.
Ich habe mal einen Esel mitgebracht und eine Wabe in ein Bordell.
Ik ben ooit met een ezel en een honingraat naar een bordeel gegaan.
Ich habe mal einen Jungen gesehen, der auch so aussah.
Ik heb eerder zo'n jongen gezien.
Ich habe mal Christina gewürgt.
Ik heb een keer Cristina gewurgd.
Ich habe mal bei einem Festzug getrommelt.
Ik heb nog met een trommel op een praalwagen gestaan.
Ich habe mal nachgesehen.
Ik heb even snel gekeken.
Ich habe mal vier Monate auf einem Boot festgesessen.
Lk heb eens met 'n stel mensen4 maanden op 'n boot vastgezeten.
Ich habe mal einen Schmierölfleck aus Seide rausgekriegt.
Ik heb ooit een vetvlek uit zijde gekregen.
Ich habe mal Sasos Laden inspiziert.
Ik ben eens bij Saso's tent wezen kijken.
Ich habe mal einen Patienten geheiratet.
Ik ben ooit met een patiënt getrouwd.
Ich habe mal eine schlechte getroffen.
Ik heb eerder een foutieve gemaakt.
Ich habe mal fast 3.
Ik heb een keer $3000 weggegooid.
Ich habe mal in Richmond gelebt.
Ik heb even in Richmond gewoond.
Ich habe mal Potstickers gemacht… gefrorene.
Ik heb eens meelballetjes gemaakt… die ingevroren waren.
Ich habe mal Crack geraucht!
Ik heb ooit crack gerookt!
Ich habe mal eine Diamantenmine außerhalb von Tshikapa finanziert.
Ik had ooit een diamantmijn bij Tshikapa.
Ich habe mal einem Kerl einen geblasen.
Ik heb een keer een man gepijpt.
Ich habe mal mit meinen bloßen Händen einen Grenzpolizisten erwürgt.
Ik heb eens een grenswacht met mijn blote handen gewurgd.
Ok, ich habe mal mit einem Monkee rumgemacht.
Oké. Ik heb ooit met een monkey gevreeën.
Uitslagen: 286, Tijd: 0.0577

Woord voor woord vertaling

Top woordenboek queries

Duits - Nederlands