Voorbeelden van het gebruik van De leraar in het Nederlands en hun vertalingen in het Duits
{-}
-
Colloquial
-
Official
-
Medicine
-
Ecclesiastic
-
Financial
-
Ecclesiastic
-
Computer
-
Official/political
-
Programming
Nee, de leraar is ziek.
De leraar zag het, en ze deden alles wat ze moesten doen.
Ik had de beste leraar.
Laat de leraar me doden.
Jij bent de leraar en ik de leerling, weet je nog?
Was het anders met de leraar, Sue?
De leraar schrijft je een bedankje.
Kent u de zaak Henry Birdson, de leraar die z'n hele gezin uitmoordde?
Waarom heb je de leraar vrij gelaten? Markus Husekleppe.
Waarom is de leraar vrij gelaten?
De leraar vindt me niet aardig.
Vertel hem wat jij de leraar hebt laten doen.
Dat de leraar aan je mocht zitten.
De leraar van Taylor heeft net gebeld
Ik weet waarom de leraar er niet is.
Geen ding zoals neuken de leraar naar krijgen de w….
Eerst stelt de leraar de software Pixlr aan zijn leerlingen voor in 1 lesuur.
Voor dit voorbeeld, de leraar van plan is om studenten handelen uit deze storyboard.
De leraar kan een oud-student om gezondheidsredenen van dit voorschrift vrijstelling geven.
Wil de leraar laten haar?