Voorbeelden van het gebruik van De praat in het Nederlands en hun vertalingen in het Duits
{-}
-
Colloquial
-
Official
-
Medicine
-
Ecclesiastic
-
Financial
-
Ecclesiastic
-
Computer
-
Official/political
-
Programming
Ik krijg hem niet meer aan de praat.
Ik krijg je wel aan de praat.
Ik krijg dit ding niet aan de praat.
Ik krijg hem wel aan de praat.
Als ik de generator aan de praat krijg.
Ze hebben Navarro aan de praat gekregen.
Als we hem aan de praat krijgen.
Het heeft niet lang geduurd om hem aan de praat te krijgen, hé?
Breng haar aan de praat.
Eens zien of ik hem aan de praat krijg.
We moeten hem nu aan de praat krijgen.
Heb je die radio al aan de praat gekregen?
Ik probeer dit ding aan de praat te krijgen.
We krijgen ze aan de praat.
Je krijgt dat ding niet aan de praat.
Ik kan hem aan de praat krijgen.
Kun je het aan de praat krijgen?
We moeten ze alleen aan de praat krijgen.
Alleen Benjamin kon hem aan de praat krijgen.
Ik krijg 'm wel aan de praat.