Voorbeelden van het gebruik van Praat in het Nederlands en hun vertalingen in het Duits
{-}
-
Colloquial
-
Official
-
Medicine
-
Ecclesiastic
-
Financial
-
Ecclesiastic
-
Computer
-
Official/political
-
Programming
Ze praat toch?
Master Chief. Waarom praat je niet met me?
Ik praat niet meer over vrede.
U praat weer over de oudheid?
Tommy praat in zijn slaap.
We moeten de compressor aan de praat krijgen.
Ik praat liever met hem.
Hij praat momenteel niet met mij, maar ik denk.
Als jij praat, luister ik.
Waarom praat je nog als Batman?
Praat je alleen met de nabestaanden?
Als je niet praat hoor je misschien iets?
Ik praat ook over wat er van je verwacht wordt op een filmset.
Praat je niet met haar?
Ik krijg ze niet aan de praat.
Praat niet met haar, totdat ik er ben.
Kijk, ik praat met een hond!
Hij praat niet meer in z'n slaap.
Waarom praat u Engels tegen me?
Alsjeblieft, waarom praat je niet met me?