Voorbeelden van het gebruik van Een arm in het Nederlands en hun vertalingen in het Duits
{-}
-
Colloquial
-
Official
-
Medicine
-
Ecclesiastic
-
Financial
-
Ecclesiastic
-
Computer
-
Official/political
-
Programming
De romp en een arm zijn daar.
Een arm, weerloos dier moet worden gered.
Je heb nog een goede arm, Dr. Crane.
Chakri schreef ons:"Ik stam uit een arm gezin.
Een gebroken arm.
Daar woonde een arm meisje.
We zijn maar een arm dorpje.
Je vrouw is een arm plattelandsmeisje.
stuur ik hem een arm.
Een arm meisje.
Maar een, arme, een arm en liefdevol kind.
Ik begrijp het. Het geraaskal van een arm, ziek meisje.
Dat heeft me meer gekost dan een arm.
Een arm, heel getalenteerd meisje.
Ik kom uit een arm gezin uit een arm dorpje.
Als dat niet genoeg is breek een been of een arm.
Zo verlies je een arm.
Ik ben een arm, hulpeloos meisje.
Ik had een cliënt van 14 jaar, een arm zwart jochie.
Verkocht? Ze was 14, een arm gezin.