Voorbeelden van het gebruik van Het huilen in het Nederlands en hun vertalingen in het Duits
{-}
-
Colloquial
-
Official
-
Medicine
-
Ecclesiastic
-
Financial
-
Ecclesiastic
-
Computer
-
Official/political
-
Programming
Je maakt je broertje aan het huilen.
Hij was vlees aan het snijden en aan het huilen.
Hoewel ze gisteren te laat in de rechtbank verscheen, en ze was… aan het huilen.
Dat lied maakt me altijd aan het huilen.
Hij heeft 'm aan het huilen gemaakt.
Je maakt me nog aan het huilen als je zo doorgaat.
Ik was niet aan het huilen, ik was aan het zweten… vanuit mijn ogen.
Nou, dat verklaart waarom ik al bijna aan het huilen was.
Ze is nog op haar kamer, aan het huilen.
Dr. Yang maakte een peuter aan het huilen.
Ik kan net doen alsof je geen uitgelopen mascara op je wang hebt, van het huilen.
Sean. Je maakt me aan het huilen.
Heb je iemand aan het huilen gemaakt?
Was hij aan het huilen met rammelende kettingen?
De baby was aan het huilen.
Zwijg! Stelen maakt Jezus aan het huilen.
Ik weet dat het gek is, maar dat maakt mij aan het huilen. Ja!
Terwijl mama aan het huilen was.
We hebben alles geprobeerd om de hemel aan het huilen te brengen.