Voorbeelden van het gebruik van Hoogheid in het Nederlands en hun vertalingen in het Duits
{-}
-
Colloquial
-
Official
-
Medicine
-
Ecclesiastic
-
Financial
-
Ecclesiastic
-
Computer
-
Official/political
-
Programming
Elizabeth? Uwe keizerlijk hoogheid, iets voor de armen? Kanselier?
Hoogheid, dit zijn getrainde soldaten.
Hoogheid. Ik ben generaal Grey.
Maar hoogheid, onze troepen dan?
Ik zocht je daarstraks. Hoogheid.
Zijne Hoogheid de maharadja van Khanipur en de Raikuuari.
Laat de Hebreeërs gaan, Hoogheid, of we gaan allemaal dood.
Zijne koninklijke Hoogheid, Prins Michael!
Zijne Koninklijke Hoogheid koning Filips.
Hoogheid.- Goed u weer te zien.
Zijne hoogheid, markies de Montisquiue.
Goed nieuws, Hoogheid.
We zijn nog niet ver van Pentos, hoogheid.
Mag ik uw keizerlijke hoogheid de hertogin van Danzig voorstellen?
Zijne Hoogheid Goffredo Borgia,
Een vrouw. Hoogheid, ze is een prinses.
Zijne Hoogheid.
Put uzelf niet uit, oh, hoogheid.
We moeten op onze hoede zijn, Hoogheid.
Welkom, hoogheid.

