Voorbeelden van het gebruik van Hulpverlener in het Nederlands en hun vertalingen in het Duits
{-}
-
Colloquial
-
Official
-
Medicine
-
Ecclesiastic
-
Financial
-
Ecclesiastic
-
Computer
-
Official/political
-
Programming
Begrepen. Hulpverlener 118 komt eraan.
Een hulpverlener, Gisele Durand.
Welke hulpverlener wil die weggooien?
Misschien kan Ghemor met een hulpverlener spreken, of met Odo.
De hulpverlener is hier de hele dag om met jullie te praten.
Vertel mij dat maar, hulpverlener.
Ik ben trouwens hulpverlener Dax.
Haar vader was een Britse hulpverlener Ze spreekt vijf talen.
Het brak de neus van een hulpverlener.
Daar is de hulpverlener.
Mevrouw… wilt u met een hulpverlener praten?
Ben je een hulpverlener?
De benoeming"Privilege" met een hulpverlener.
Maanden in de gevangenis voor het aanvallen van een hulpverlener.
De president gaat MacLeish en de hulpverlener die hem vond, onderscheiden.
Ben je een hulpverlener?
Dit is m'n moeders hulpverlener. Nee.
Dr. Katrina McKenzie Hulpverlener UIO.
Ik ken hem via een hulpverlener.
Deze man is geen hulpverlener.