Voorbeelden van het gebruik van Leer in het Nederlands en hun vertalingen in het Duits
{-}
-
Colloquial
-
Official
-
Medicine
-
Ecclesiastic
-
Financial
-
Ecclesiastic
-
Computer
-
Official/political
-
Programming
Leer me vechten! Leer me!
Ik leer dansen zodat ik je beter kan coachen.
Leer het me.
De leer van stare decisis komt uit de Engelse rechtspraak.
In leer kost deze bank 999 pond.
Leer ze uit uw hoofd voordat u naar de NIS gaat.
Leer hoe te ontdoen van gynaecomastie,
Leer Oliver Queen dat wij het maar eenmaal vragen.
Goed. Leer het mij.
Leer wie je vertrouwen kunt.
De hele dag. Volgende keer… leer ik je een liedje… met wat je heb geleerd.
En leer, denk ik.
De leer van de onsterfelijkheid van de ziel geeft meer dreiging dan troost.
Leer onafhankelijk te zijn.
Leer van hen.
Gepaneerde schnitzels kalfsvlees Leer een nieuw recept voor uw tafel.
Leer Oliver Queen dat wij het maar eenmaal vragen. Wees genadeloos.
Leer me je trucs!
Leer het dan. Ik kan het niet.
Leer hem dat niet meer.