Voorbeelden van het gebruik van Oordeelt in het Nederlands en hun vertalingen in het Duits
{-}
-
Colloquial
-
Official
-
Medicine
-
Ecclesiastic
-
Financial
-
Ecclesiastic
-
Computer
-
Official/political
-
Programming
Oordeelt niet naar den schijn, maar velt een rechtvaardig oordeel.
Jezus oordeelt niet.
Je oordeelt niet.
Probeer het voordat je oordeelt.
Want met welk oordeel gij oordeelt, zult gij geoordeeld worden;
Ze oordeelt niet.
God, je oordeelt altijd zo snel.
Breng er wat tijd door voor je oordeelt.
Oordeelt niet, opdat ge niet geoordeeld wordt.
Iedereen oordeelt, de hele tijd.
Je oordeelt, maar jouw soort…… heeft 'n sleutel gemaakt om anderen te onderwerpen.
In gerechtigheid oordeelt het Lam en voert oorlog.
Ze oordeelt hard over me.
En jij oordeelt over mij omdat ik hem wreek?
Hij oordeelt, hij straft.
Oordeelt niet, opdat gij niet geoordeeld wordt?
Dus je oordeelt?
Wie oordeelt over hen?
totdat God over mij oordeelt.
Ontken 't maar niet, ik zie 't je doen. Je oordeelt.