PRAATTE - vertaling in Duits

redete
praten
spreken
hebben
zeggen
toespraken
speeches
sprach
spreken
praten
hebben
zeggen
woord
pleiten
unterhielt sich
praten
vermaken
hat
hebben
krijgen
zitten
Gespräche
gesprek
conversatie
praten
interview
discussie
bespreking
onderhoud
ontmoeting
dialoog
overleg
reden
praten
spreken
hebben
zeggen
toespraken
speeches
geredet
praten
spreken
hebben
zeggen
toespraken
speeches
redet
praten
spreken
hebben
zeggen
toespraken
speeches
gesprochen
spreken
praten
hebben
zeggen
woord
pleiten
sprachen
spreken
praten
hebben
zeggen
woord
pleiten
spricht
spreken
praten
hebben
zeggen
woord
pleiten

Voorbeelden van het gebruik van Praatte in het Nederlands en hun vertalingen in het Duits

{-}
  • Colloquial category close
  • Official category close
  • Medicine category close
  • Ecclesiastic category close
  • Financial category close
  • Ecclesiastic category close
  • Computer category close
  • Official/political category close
  • Programming category close
Tanner praatte niet.
Tanner wollte nicht reden.
Praatte Robert wel eens over zijn zaken?
Hat Robert mit Ihnen über seine Geschäfte gesprochen? Schon gut?
Ze praatte met een ballon in de spiegel.
Sie sprach mit einem Ballon im Spiegel.
Ik praatte met hem.
Ich redete mit ihm.
Nee, zo praatte hij tegen jouw moeder.
Nein, so redet er mit deiner Mutter.
Voor hij vertrok, praatte hij alleen met Gorbatsjov in het Kremlin.
Bevor er abgereist ist, hat er… alleine mit Gorbatschow im Kreml gesprochen.
Hij wilde dat ik praatte met een officieus verhoor.
Er dachte, ich sage was, wenn wir inoffiziell reden.
En toen praatte je nog maanden met z'n lijk.
Du hast monatelang mit seiner Leiche geredet.
Praatte Reynolds alleen met Bob?
Hat Reynolds nur mit Bob gesprochen?
Hij praatte twee minuten met ons en vertrok.
Er sprach zwei Minuten mit uns und ging.
Clay praatte niet graag over Hannah.
Clay redete nicht gern über Hannah.
Je praatte met iemand. Een gangster.
Sie sprachen mit einem Verbrecher.
Geen waarschuwing. Zij praatte en hij begon te spuiten.
Sie redet und er besprüht sie einfach ohne… Ohne Vorwarnung.
Met wie praatte je?
Mit wem reden Sie?
Ze praatte toen nog met Jiao Sim.
Sie und Jiao Sim hatten noch miteinander geredet.
Hij praatte met 'n meisje.
Er wohnt dort und hat mit einer Frau gesprochen.
Waarover praatte hij met u?
Worüber sprach er mit Ihnen?
Hij praatte teveel. Hij verdiende het.
Er hat's verdient. Er redete zu viel.
Louis Bernard praatte met die Arabier van daarnet.
Louis Bernard spricht mit dem Araber, der Hank angebrüllt hat.
Je praatte met de jongen en ineens viel je neer.
Sie sprachen mit dem Jungen, als Sie plötzlich zusammenbrachen.
Uitslagen: 1251, Tijd: 0.0543

Top woordenboek queries

Nederlands - Duits