Voorbeelden van het gebruik van Schrikt in het Nederlands en hun vertalingen in het Duits
{-}
-
Colloquial
-
Official
-
Medicine
-
Ecclesiastic
-
Financial
-
Ecclesiastic
-
Computer
-
Official/political
-
Programming
Zandvolk schrikt snel maar ze komen terug.
De gedachte dat ik hier blijf, schrikt je af.
Dat schrikt ons doel af.
Je schrikt van een wesp op je arm.
Nee, Castle, dat schrikt haar misschien af.
Die schreeuw schrikt luipaarden af.
Het schrikt adverteerders af.
Meestal schrikt dit mensen af.
Het schrikt me af.
Hij schrikt voor niets terug.
Weet u, m'n soutane schrikt veel mensen af.
Maar dat is niet het soort figuur die ons schrikt!
M'n ziekte schrikt 'm af.
Ze willen zien of je schrikt.
Niks schrikt een krijger meer af dan nieuws over een nederlaag.
Een arts met een infuuspaal schrikt patiënten af.
Misschien schrikt de glans ze af.
Als ze iets tegenkomen dat anders is… dan schrikt ze dat af.
Dat schrikt af.
Het schrikt niet af en er worden vaak fouten gemaakt.