Voorbeelden van het gebruik van Vooruit in het Nederlands en hun vertalingen in het Duits
{-}
-
Colloquial
-
Official
-
Medicine
-
Ecclesiastic
-
Financial
-
Ecclesiastic
-
Computer
-
Official/political
-
Programming
Drie stappen vooruit één, twee, drie.
Vooruit, bij me blijven. Begrepen!
We kijken vooruit, maar we kijken ook weg.
Eet. Vooruit, eet je eieren op.
Word ik vooruit betaald?
We gaan in alle opzichten vooruit.
Vooruit, schat.-Bobby.
Vooruit, Gao Yicong!
Vooruit, jongens. In de vergaderruimte?
We kunnen alleen maar vooruit kijken en positief blijven.
Nu kijken ze vooruit en zien ze niets.
Vooruit, mama. Blijf staan!
We gingen vooruit.
Moussa. Vooruit.
Je betaalde mij zes maanden vooruit.
Oké? Vooruit, weg hier.
Vooruit, Amy Farrah Fowler.
Twee stappen vooruit en drie achteruit.-Nee.
Vooruit, nog een keer. Ik kan niet meer.
Je moet vooruit kijken, anders kom je nooit thuis.