Voorbeelden van het gebruik van Zeg dat maar in het Nederlands en hun vertalingen in het Duits
{-}
-
Colloquial
-
Official
-
Medicine
-
Ecclesiastic
-
Financial
-
Ecclesiastic
-
Computer
-
Official/political
-
Programming
Zeg dat maar tegen dr Gregg.
Ja, zeg dat maar tegen mijn maag.
Zeg dat maar tegen m'n vrouw.
Zeg dat maar tegen mijn grootvader.
Zeg dat maar tegen je broer.
Zeg dat maar tegen m'n opa.
Ja, zeg dat maar tegen Owen.
Zeg dat maar tegen de directeur met een aquarium als kantoor.
Wacht? Zeg dat maar tegen Grace.
Zeg dat maar tegen Gyp Rosetti.
Zeg dat maar tegen Nathan.
Zeg dat maar tegen Astra Logue!
Zeg dat maar tegen je advocaat.
Zeg dat maar tegen niemand.
Zeg dat maar tegen Léna.
Zeg dat maar tegen je vrienden.
Zeg dat maar niet meer.
Zeg dat maar tegen hem.
Zeg dat maar tegen Alexander de Grote.
Zeg dat maar.
