Voorbeelden van het gebruik van Zullen we in het Nederlands en hun vertalingen in het Duits
{-}
-
Colloquial
-
Official
-
Medicine
-
Ecclesiastic
-
Financial
-
Ecclesiastic
-
Computer
-
Official/political
-
Programming
Zullen we morgen beginnen,
Zullen we herrijzen. Uit de as.
Zullen we spijbelen en naar de bioscoop gaan?
Zullen we iets te drinken bestellen?
Zullen we dit onder vier ogen bespreken?
Pappa ook. Zullen we het ze vertellen?
Zullen we naar de film gaan?
Zullen we hier weggaan en dit vergeten?
Zullen we het vieren? En terecht.
Ja. Zullen we kijken hoe Mark eruit zag met de helm op?
Waar zullen we zijn?
Zullen we naar 't ziekenhuis rijden
Manex, zullen we naar het hotel gaan?
Zullen we douchen? Het is niet.
Zullen we de Clippers zijn?
Zullen we een fles chardonnay nemen?
Zullen we dit op drie doen?
Zullen we het nog steeds kunnen?
Zullen we zondag 'n paar mensen uitnodigen voor de lunch?
Zullen we het over je werk hebben?