Voorbeelden van het gebruik van Aanklager in het Nederlands en hun vertalingen in het Engels
{-}
-
Colloquial
-
Official
-
Ecclesiastic
-
Medicine
-
Financial
-
Computer
-
Ecclesiastic
-
Official/political
-
Programming
Hij is de aanklager in deze rechtszaak.
De aanklager in Phoenix onderzoekt Sunset Mining.
Aanklager Richard Jensen.
De aanklager zegt van wel.
Ik ben aanklager Lee uit Seoul Central.
De aanklager stuurde een nieuwe lijst met getuigen.
Meneer de aanklager, wat een verrassing.
Ik ben aanklager, geen priester.
De aanklager van onze broeders.
De aanklager kan niet praten.
De beste aanklager die de stad ooit heeft gekend.
Aanklager McCoy.-Jughead.
De aanklager bood je twee jaar.
De aanklager zegt dat Timothy Carter niet Red John was.
En de aanklager zei zelfs in het slotpleidooi.
De aanklager is uw menselijke natuur.
De aanklager wil hun stem.
Een aanklager zet je rechterhand.
Aanklager en beklaagde, staat u op.
Aanklager McCoy. Jughead.