EEN WEEKEND - vertaling in Frans

week-end
weekend
weekeinde
weekendtrip
passer un week-end
weekend
weekend door te brengen
passé un week-end
weekend
weekend door te brengen
d'un weekend
une semaine
een week

Voorbeelden van het gebruik van Een weekend in het Nederlands en hun vertalingen in het Frans

{-}
  • Colloquial category close
  • Official category close
  • Medicine category close
  • Financial category close
  • Ecclesiastic category close
  • Ecclesiastic category close
  • Official/political category close
  • Computer category close
  • Programming category close
Twee: een weekend blijven.
Deux: partir en week-end.
Een weekend lang worden surf-wedstrijden gehouden op het IJsselmeer bij Makkum.
Durant le week-end de Pâques, a lieu à Sainte-Mère-Église un concours hippique national.
Een weekend bestaat uit twee races van elk 100km.
Il y a deux courses par weekend de 40 minutes ou 110 km chacune.
Geniet hier een weekend met onze 3 kinderen.
J'ai passé un week-end ici avec nos 3 enfants.
Euro voor een weekend(2 nachten), ontbijt inbegrepen.
Euro pour un weekend(2 nuits), pêtit-déjeuner inclus.
Het was een weekend trip.
C'était pendant un weekend.
Perfect voor een weekend vol bezichtigingen en winkelen.
Parfait pour les week-end, pour visiter ou pour faire des emplettes.
Ik heb deze boerderij een weekend geboekt met mijn vrouw!
J'ai réservé cette ferme pour un week-end avec ma femme!
Ideaal voor een romantisch weekend of een gezellig, ontspannend weekend met de familie.
Idéal pour un weekend romantique ou pour un agréable weekend de détente en famille.
Voor mij betekent 16+ een weekend zonder zorgen met mijn tweede familie.
Pour moi 16+ signifie un week end sans le moindre souci avec ma seconde famille.
Wat een magisch weekend.
C'était une fin de semaine magique.
Hou je het wel een weekend uit zonder mij?
Pas de week-end sans moi?
Een heel weekend in de auto met die ouwehoer.
Je vais être coincé tout le week-end avec ce sac à puces.
Het is een weekend waar we het over hebben.
C'est juste pour un week-end.
Ze is zelfs een weekend bij mij thuis geweest met kerst vorig jaar.
Elle est même venue chez moi un weekend à Noël dernier.
Het is een lang weekend.
C'est la longue fin de semaine.
Vivian is een weekend weg met Charles.
Elle est partie pour le weekend.
Het wordt een lang weekend.
La fin de semaine sera longue.
Voor een weekend.
Pour le week-end.
En nu ga je een weekend naar Mexico met haar.
Et tu l'emmènes au Mexique pour le week-end.
Uitslagen: 1085, Tijd: 0.0646

Woord voor woord vertaling

Top woordenboek queries

Nederlands - Frans