Voorbeelden van het gebruik van Leerden in het Nederlands en hun vertalingen in het Frans
{-}
-
Colloquial
-
Official
-
Medicine
-
Financial
-
Ecclesiastic
-
Ecclesiastic
-
Official/political
-
Computer
-
Programming
Leerden ze je daar hoe je elkaar moet schoppen?
De eerste draken leerden de ridders een erecode.
Ze leerden mij Arabisch en Engels.
Pas de latere generaties leerden hun wreedheid te beheersen.
We leerden hem om te springen.
Daarom leerden alle grote meesters, Dood geen dieren.
Zij leerden de consument hoe je audio systemen
Van de Spanjaarden leerden hen de schapenhouderij, zilversmeden en weven.
Waar ze mensen leerden lezen en schrijven.
Zo leerden hun leerlingen zorg te dragen voor de armen.
In samenspraak met de mensen leerden we hoe we het evangelie konden verkondigen.
Hier leerden we wat er lang geleden werkelijk gebeurde.
Ze leerden hem muziek-- toonladders, eigenlijk.
Ze leerden hun kinderen Gods gebed in het Engels.
De schoolkinderen leerden daarbij hun aandacht te concentreren.
Ze leerden de basisprincipes en concepten op een speelse manier.
Toen leerden we dat ons heelal.
Want hoe meer we leerden, des te bezorgder we werden.
We leerden schieten op het strand.
Wij leerden dit in de eerste twee weken op de kaderschool.