Voorbeelden van het gebruik van Mijn spullen in het Nederlands en hun vertalingen in het Frans
{-}
-
Colloquial
-
Official
-
Medicine
-
Financial
-
Ecclesiastic
-
Ecclesiastic
-
Official/political
-
Computer
-
Programming
Dit zijn mijn spullen.
Ze betaalt haar diner met mijn spullen.
ik moet eerst mijn spullen eruit nemen.
Speel niet met mijn spullen.
Ik zorg voor mijn spullen.
Waar zijn mijn spullen?
Ik pak mijn spullen.
Hij is mijn vriendin aan het verleiden met mijn woorden en mijn spullen.
Ik bedoel, dit was-- was ik mijn spullen?
Dit zijn al mijn spullen.
Mijn spullen zijn van mij!
Waar zijn mijn spullen?
Pik jij mijn spullen?
Ik wil mijn spullen terug.
Niemand steelt mijn spullen.
Dat zijn al mijn spullen.
Waarom doorzoek je mijn spullen?
En mijn spullen?
Als je mij of mijn spullen verwoest, verwoest je jezelf.
En ik wil gewoon mijn spullen.