Voorbeelden van het gebruik van Smokkelen in het Nederlands en hun vertalingen in het Frans
{-}
-
Colloquial
-
Official
-
Medicine
-
Financial
-
Ecclesiastic
-
Ecclesiastic
-
Official/political
-
Computer
-
Programming
Je gaat het buiten moeten smokkelen.
Strafrechtelijke zaak voor smokkelen van mobiele telefoons.
Smokkelen van verboden technologie uit het Vega systeem.
Ze noemen het smokkelen, maar dat is een blankenwoord voor drugshandel.
Het gaat om smokkelen.
Ik kan niets vinden dat hem verbindt met smokkelen.
Die lui smokkelen Oost-Europese vrouwen tegen hun wil.
Ze houden alleen van elkaar, we smokkelen geen drugs.
Je moest een weten hoe creatief… ze wapens langs de metaal detectoren smokkelen.
Leo en Jacques smokkelen drugs over de grens.
Drugs smokkelen in een vliegtuig?
Het smokkelen van weed van Mexico naar de V.S. is uiterst gevaarlijk gestegen.
Smokkelen en Moord.
Het smokkelen, de operaties, alles.
Smokkelen je leerlingen wiet uit Canada?
Wapens smokkelen klinkt me niet als een Pope Industrie onderneming.
Of nieren smokkelen uit Mexico.
We doen onderzoek naar het smokkelen van Cubaanse sigaren.
Gaan we echt een schilderij naar buiten smokkelen tijdens een feestje?
Dr. Johnson smokkelen.