Voorbeelden van het gebruik van Thomas is in het Nederlands en hun vertalingen in het Frans
{-}
-
Colloquial
-
Official
-
Medicine
-
Financial
-
Ecclesiastic
-
Ecclesiastic
-
Official/political
-
Computer
-
Programming
Thomas was de hele tijd jouw lijfknecht toen Bates gevangen zat.
Thomas was mijn vriend.
Thomas was mijn zoon.
Het tegenaanbod van Thomas was erg agressief.
Thomas was de enige die moeder niet martelde.
Thomas was net zo goed mijn broer als jouw zoon.
Thomas was in een nieuwbouwwijk!
Ik besefte dat het over twee weken Thomas zijn verjaardag is. .
Thomas was al ver weg,
Daniela en Thomas zijn uitstekende gastheren.
Thomas was een van de twaalf apostelen.
Sandra romain en taryn thomas zijn verschillend in….
Een uur nadat Marie en Thomas waren vermoord. 7 km vanaf het huisje.
Simon en Thomas zijn dood!
Thomas was acht toen het gebeurde.
Dat moet Thomas zijn.
Thomas was in Cuba voor een nieuwe radarinstallatie… op de Amerikaanse basis.
Thomas was opperbevelhebber op het Pontefract Castle,
Hij rende weg tijdens de samenkomst… toen hij hoorde dat Professor Thomas was vermoord.
Thomas was de zoon van Gregorios Preljub,