Voorbeelden van het gebruik van Bel ze in het Nederlands en hun vertalingen in het Spaans
{-}
-
Colloquial
-
Official
-
Medicine
-
Financial
-
Ecclesiastic
-
Ecclesiastic
-
Official/political
-
Computer
-
Programming
Vooruit, bel ze.
Ik meen het, ik bel ze.
Zoek in dit geval het telefoonnummer van het hotel en bel ze.
Goed, ik bel ze morgen.
Maak je geen zorgen, ik bel ze morgen.
Bel ze.
Bel ze.
Bel ze en zorg dat we vrijkomen.
Ik bel ze elke dag.
Bel ze dan.
Bel ze.
Oh, bel ze!
Bel ze, ik heb het.
Bel ze.
Ja, bel ze, maar we zijn geneukt.
Bel ze, stuur ze berichten,
Bel ze meteen.
Bel ze maar.
Bel ze af.
Bel ze en zeg dat ze dood zijn.