BELLEN - vertaling in Spaans

llamar
bellen
noemen
roepen
heten
kloppen
terugbellen
naam
worden aangeroepen
marcar
markeren
markeer
contactformulier
scoren
bellen
aanvinken
bookmark
merken
markering
bladwijzer
telefonear
bellen
telefoneren
telefoon
telefoneer
teléfono
telefoon
mobiel
telefoonnummer
telefoonlijn
gsm
phone
nummer
smartphone
telefonisch
burbujas
bubbel
zeepbel
bel
bubble
luchtbel
blob
klodder
campanas
bel
bell
kap
klok
afzuigkap
hood
motorkap
stolp
gong
dampkap
de llamadas
oproep
call
bellen
gesprek
telefoontje
roeping
caller
terugbellen
calling
genaamd
llame
bellen
noemen
roepen
heten
kloppen
terugbellen
naam
worden aangeroepen
llamado
bellen
noemen
roepen
heten
kloppen
terugbellen
naam
worden aangeroepen
llamada
bellen
noemen
roepen
heten
kloppen
terugbellen
naam
worden aangeroepen

Voorbeelden van het gebruik van Bellen in het Nederlands en hun vertalingen in het Spaans

{-}
  • Colloquial category close
  • Official category close
  • Medicine category close
  • Financial category close
  • Ecclesiastic category close
  • Ecclesiastic category close
  • Official/political category close
  • Computer category close
  • Programming category close
Arme Ellen moest ons bellen toen haar moeder een bijbel schreef op de muur.
Ellen nos llamó una vez porque su madre escribía una biblia en las paredes.
In Frankrijk bellen Bolognese honden met krullend wol bichon frise.
En Francia Bolognese llamó a los perros con lana rizada bichon frise.
Cortana bellen u wat je wilt, zolang ze het kan uitspreken.
Cortana le llamará lo desea, todo el tiempo que puede pronunciarlo.
Ik moet de superintendent bellen en hem vertellen hoe Hooper dit aanpakt.
Llamaré al superintendente y le diré cómo manejó esto Hooper.
Mijn mannen bellen me met de details van race voor die dag.
Mis muchachos me llamarán con los detalles del día de la carrera.
Ze bleef me maar bellen en… vertellen over jou
Me llamó a cada rato…
Ik wou een taxi bellen, want ik ken je niet echt.
Iba a decir que llamaras a un taxi. Yo no te conozco.
Je moet Grace bellen en zeggen dat het mij spijt.
Necesito que… llames a Grace. Dile que lo siento,¿de.
Waarom zou ze jou bellen in plaats van mij?
Es de Phoebe.¿Por qué te llamaría a ti en lugar de a mí?
Er zullen een hoop gekken bellen maar misschien krijgen we ook wat aanwijzingen.
Llamarán muchos locos, pero puede que también obtengamos algunas pistas.
Autodieven bellen per ongeluk 911.
Un ladrón llamó al 911 por accidente.
Binnen 15 minuten kunt u bellen met de Manager om de bestelling te bevestigen.
Dentro de los 15 minutos le llamará gerente para confirmar el pedido.
Deze persoonlijke accountmanagers bellen u wanneer ze u nodig hebben om meer geld te storten.
Estos administradores de cuentas personales lo llamarán cuando necesiten que deposite más fondos.
Ik geef je zijn nummer en je kunt hem bellen.
Te daré su número, y le llamarás.
Zij zou hetzelfde doen, naar Ojai bellen en die sturen een sheriff langs.
Ella hará lo mismo. Llamará a Ojai, y enviarán a un ayudante.
Ze zegt dat we haar ouders niet moeten bellen of ze vermoorden haar.
Dice que no llamemos a sus padres, o la matarán.
Als ik je op je werk niet kan bellen geef me dan je privé-nummer.
No te llamaré al trabajo si me das el número de tu casa.
Ik heb je al gezegt dat je je vader niet mag bellen, zonder mij toestemming.
Te dije que no llamaras a tu padre sin mi permiso.
En als dat toch zo was, zou ik zeker niet naar Donna bellen.
Y si así lo hiciera, sin duda llamaría a Donna.
Ik zei dat je me niet op het bureau moest bellen.
Te dije que no me llamaras en el Precinto.
Uitslagen: 16818, Tijd: 0.1232

Top woordenboek queries

Nederlands - Spaans