Voorbeelden van het gebruik van Dat zeggen in het Nederlands en hun vertalingen in het Spaans
{-}
-
Colloquial
-
Official
-
Medicine
-
Financial
-
Ecclesiastic
-
Ecclesiastic
-
Official/political
-
Computer
-
Programming
Niemand zou dat zeggen.
Niet iedereen op deze wereld kan dat zeggen, maar jij wel.
We blijven dat zeggen, maar is dat waar.- Wat bedoel je?
Grappig, dat zeggen alle Redders.
Waarom zou hij dat zeggen?
Niet heel veel ouders kunnen voor de camera staan en dat zeggen.
Blijf dat zeggen en je vindt misschien het juiste meisje.
Dat zeggen ze over echte commandanten die ervoor zijn opgeleid.
Waarom zou ik dat zeggen?
Mensen blijven dat zeggen, maar ik werd niet gedragen.
Dat zeggen alle mannen voor ze getrouwd zijn.
Waarom zou hij dat zeggen?
Jullie blijven dat zeggen, maar dat was ik niet.
Als ze dat zeggen, wordt ik genaaid!
Pa zou dat zeggen.
Waarom blijven we dat zeggen, terwijl er wel gevaar dreigt?
Dat zeggen mensen als ze het niet meer weten.
Waarom zou hij dat zeggen?
Dat zeggen ze nog steeds, toch?
Dat zeggen ze ook?