Voorbeelden van het gebruik van Heeft hem gedood in het Nederlands en hun vertalingen in het Spaans
{-}
-
Colloquial
-
Official
-
Medicine
-
Financial
-
Ecclesiastic
-
Ecclesiastic
-
Official/political
-
Computer
-
Programming
Zijn werk heeft hem gedood.
Die heeft hem gedood, Mary.
Satan heeft hem gedood.
De kerk heeft hem gedood.
Iemand heeft hem gedood.
Nee. De Meester heeft hem gedood, zodat hij mij kon inlijven.
En wie heeft hem gedood?
Je zoon heeft hem gedood, zodat de wereld niet zou horen wie z'n vader was.
De koolmonoxide heeft hem gedood.
Amerika heeft hem gedood, maar jullie zullen mij niet doden.
Zijn meester heeft hem gedood.
Frank heeft hem gedood.
De Heer heeft hem gedood door de hand van een vrouw.
Zij heeft hem gedood.
Pazuzu heeft hem gedood.
Een van ons heeft hem gedood, doet dat je niks?
De slag op zijn hoofd heeft hem direct gedood.
En de duivel heeft hem gedood.
Die auto, die auto… die heeft hem bijna gedood.
En dat er iets anders heeft hem gedood.
