Voorbeelden van het gebruik van Kleiner in het Nederlands en hun vertalingen in het Spaans
{-}
-
Colloquial
-
Official
-
Medicine
-
Financial
-
Ecclesiastic
-
Ecclesiastic
-
Official/political
-
Computer
-
Programming
Dat maakt de berg wat kleiner.
Ik neem altijd 'n maatje kleiner, dan lijk ik slanker.
Het spijt me, ik heb het niet kleiner.
Is z'n kop kleiner?
Het is groter dan een broodtrommel. Of kleiner.
Het lijkt op een halletje, maar kleiner.
De mijne is kleiner.
Hij was veel kleiner… en blond.
Kleiner dan op tv.
Verschijnt kleiner naar zichzelf dan het in het echte leven is.
En jij nog kleiner dan m'n kat.
Je bent kleiner dan… dan ik dacht.
U bent veel kleiner dan ik dacht.
Ik begin kleiner deze keer.
In deze steeds kleiner wordende wereld ontstaan er bijna elke dag nieuwe toepassingen.
Het bestand kleiner is dan 1 GB.
Ze is kleiner dan jij.
Je bent een stuk kleiner dan ik had verwacht.
Dus, iemand die kleiner is charmanter en grappiger.
Het is kleiner dan een kattengat in een honden orgie.