Voorbeelden van het gebruik van Morgen terug in het Nederlands en hun vertalingen in het Spaans
{-}
-
Colloquial
-
Official
-
Medicine
-
Financial
-
Ecclesiastic
-
Ecclesiastic
-
Official/political
-
Computer
-
Programming
Kom morgen terug.
Ik kom morgen terug.
Kom alsteblieft morgen terug?
ben hopelijk morgen terug.
Maar ik ben voor donker morgen terug.
Je krijgt het morgen terug.
Ik moet morgen terug komen.
Ik ben morgen terug met die armband -en wat juwelen voor je vrienden.
Ik bedoel dat ik morgen terug ben… en op jullie vertrouw.
Lexi zal wel opgewonden zijn, ze mag morgen terug naar school.
Je mag 'm vanavond houden maar ik wil hem morgen terug.
Ok, ik ben waarschijnlijk morgen terug thuis.
Je krijgt ze morgen terug.
Kom morgen terug.
Komen jullie morgen terug?
Ben naar beschaafde wereld Morgen terug.
Ik breng het morgen terug.
Carrie is naar Cardiff, is morgen terug.
Ik betaal je morgen terug.
Ja, ik ben morgen terug.