Voorbeelden van het gebruik van Vertrek je in het Nederlands en hun vertalingen in het Spaans
{-}
-
Colloquial
-
Official
-
Medicine
-
Financial
-
Ecclesiastic
-
Ecclesiastic
-
Official/political
-
Computer
-
Programming
Vertrek je… met me?
Na het ontbijt vertrek je naar de provincie Pinar del Rio.
En wanneer vertrek je?
Stap je nu in je auto en vertrek je?
Na het ontbijt vertrek je naar Habarana.
Of vertrek je op vakantie, maar zit je koelkast nog vol?
Na de lunch vertrek je voor de activiteit: Dans in Cuba.
Als je van hem houdt, dan vertrek je nu.
Wanneer vertrek je naar Italië?
Vertrek je dan met de Chloée?
Hier leer je nieuwe vaardigheden en vertrek je met een heel nieuw leven.
Vertrek je maandag?
Vertrek je van het forum?
Vertrek je zonder een schoen?
Morgen pak jij je spullen, en vertrek je.
Wanneer vertrek je, meneer?
Wanneer vertrek je?
Wanneer vertrek je?
Na het ontbijt vertrek je naar Varadero.
Overigens vertrek je morgen.