AL HABLAR - vertaling in Nederlands

te praten
para hablar
para discutir
para conversar
bij het bespreken
al discutir
al hablar
al debatir
en la discusión
al analizar
in gesprek
en conversaciones
conversando
en diálogo
en negociaciones
en discusión
en una reunión
en contacto
dialogando
al hablar
en una entrevista
het over
hablar de
se trata de
es sobre
lo de
lo sobre
de lo de
hebben over
hablar
tienen sobre
disponemos sobre
hablarles sobre
bij de bespreking
en el debate
en la discusión
al discutir
al hablar
al examinar
al debatir el debatir
en la negociación
en la reunión
en las deliberaciones
in gesprekken
en conversaciones
conversando
en diálogo
en negociaciones
en discusión
en una reunión
en contacto
dialogando
al hablar
en una entrevista
praat
habla
charla

Voorbeelden van het gebruik van Al hablar in het Spaans en hun vertalingen in het Nederlands

{-}
  • Colloquial category close
  • Official category close
  • Medicine category close
  • Financial category close
  • Ecclesiastic category close
  • Ecclesiastic category close
  • Official/political category close
  • Computer category close
  • Programming category close
A veces el sospechoso se tapa la boca al hablar.
Soms bedekt de verdachte zijn mond als hij spreekt.
Es normal sentirse incómodo al hablar con los hijos sobre el sexo.
Het is normaal om ongemakkelijk te voelen bij het praten met kinderen over seks.
el niño cambia el R por el L al hablar.
het kind R voor L uitwisselt tijdens het spreken.
Los niños cometen errores al hablar.
Kinderen maken fouten in het spreken.
Practicas intensivas de conversación: Los estudiantes aprenden español mejor al hablar y practicar.
Intensieve conversatiepraktijken: Studenten leren Spaans beter door te spreken en te oefenen.
Al hablar de las danzas.
Over dansen gesproken.
Al hablar de los obstáculos.
Over hindernissen gesproken.
¿Qué esperaba conseguir al hablar con Baxter?
Wat wilde je van dat gesprek met Baxter?
La gente es más en la facilidad al hablar su lengua materna.
De mensen zijn meer bij gemak wanneer het spreken van hun inheemse tong.
Fácil al hablar.
Makkelijk praten.
Al escribir también tenemos más tiempo que al hablar.
Het schrijven geeft ons ook meer tijd dan het spreken.
Fue valiente al hablar.
Het was dapper om te spreken.
Al hablar de la amenaza.
Over bedreigingen gesproken.
Dificultad al hablar, memoria alterada, pérdida de la coordinación de movimientos,
Moeilijkheden bij het spreken, verminderd geheugen, verminderde bewegingscoördinatie, verstoord evenwicht,
Al hablar sobre el producto más nuevo o el más eficaz de a uno por vez, le da a la gente una idea sobre cómo puede ayudarlos.
Door één voor één over het nieuwste of meest effectieve product te praten, krijgen mensen een idee over hoe u hen kunt helpen.
Las personas tratan de mantener una distancia al hablar con usted, y la vida personal no quiere de ninguna manera ser ajustados?
Mensen proberen om een afstand te houden bij het spreken met u, en persoonlijke leven niet wil op geen enkele manier worden aangepast?
Al hablar de las rutinas, mencione la importancia de planear refrigerios regulares y saludables.
Bespreek bij het bespreken van routines het belang van plannen voor regelmatige en gezonde snacks.
Trabaje para sentirse más cómodo al hablar sobre los detalles íntimos de su vida con alguien.
Werk eraan om gezelliger te praten over intieme details van je leven met iemand.
Si un altavoz te mira continuamente al hablar, como si se trata de dominar usted,
Als een luidspreker naar je kijkt continu bij het spreken, alsof hij probeert te domineren,
el sitio de publicación al hablar con Igarashi quería saber la diferencia entre los juegos indie y no indie en Japón.
wilde de publicatiesite in gesprek met Igarashi het verschil kennen tussen indie- en niet-indiegames in Japan.
Uitslagen: 389, Tijd: 0.0989

Woord voor woord vertaling

Top woordenboek queries

Spaans - Nederlands