APOSTÓ - vertaling in Nederlands

wedde
apostar
te apuesto
seguro
zette
poner
colocar
establecer
hacer
dar
dejar
configurar
convierten
movimientos
comprometemos
gokte
juego
apostar
jugar
adivinar
gambling
vergokte
een weddenschap
apostó
hadden gewed
hemos apostado
bet
apostar
wedt
apostar
te apuesto
seguro
wedden
apostar
te apuesto
seguro

Voorbeelden van het gebruik van Apostó in het Spaans en hun vertalingen in het Nederlands

{-}
  • Colloquial category close
  • Official category close
  • Medicine category close
  • Financial category close
  • Ecclesiastic category close
  • Ecclesiastic category close
  • Official/political category close
  • Computer category close
  • Programming category close
Morn apostó conmigo 3 contra 1 a que intercambiarían cumplidos
Morn wedt dat jullie even beleefdheden uitwisselen
Lástima que no apostó.
Jammer dat je er niet om kon wedden.
Stan cogió ese dinero y lo apostó a otro caballo.
Stan nam dat geld en hij zette in op een ander paard.
Bueno, Moscati apostó dinero por ti, con Romizi.
Moscati zet geld in op je, met Romizi.
¿Alguien apostó a favor del Globe?
Zet iemand in op de Globe?
Simplemente apostó por el caballo equivocado.
Je hebt alleen op het verkeerde paard gewed.
Aquí hay otra persona que apostó y perdió.
Hier is nog iemand die gokte en verloor… Viktor Ciernik.
Apostó con un corredor llamado Roth.
Hij wedde altijd bij een bookie genaamd Rough.
Me apostó a que no podría hacer un tiro combinado,
Hij had gewed dat ik de combinatie niet zou redden
Sony apostó por las descargas digitales eliminando el soporte de UMD.
Sony gekozen voor digitale downloads verwijderen van de UMD-ondersteuning.
Sí. Apostó 40 dólares a que no me la afeitaría.
Hij wedde voor 40 dollar dat ik het niet zou afscheren.
El chico que apostó que no te comprarías esa camisa.
Die man die dacht dat je dat shirt niet zou kopen.
Apostó que los santos llegarían a los play-offs.
Hij heeft gewed dat de Saints naar de play-offs zouden gaan.
¿Cuanto apostó?
Hoeveel heb je gewed?
Y Hitler apostó por el primero.
Hitler koos voor het eerste.
Después de todo, apostó contra el sr. Fenton.
Immers, je heb ingezet tegen Mr Fenton.
Smart apostó por la imaginación con su nuevo
Smart Hij koos voor de verbeelding met zijn nieuwe
¿Apostó algo, Srta. Quinn?
Wilt u wedden, Miss Quinn?
Apostó en un partido de fútbol,
Hij heeft gewed met football. Hij werd hebberig
Max apostó debe ser hecho a fin de ganar el Premio mayor Progresivo.
Max inzet moet worden gemaakt met het oog op de progressieve jackpot te winnen.
Uitslagen: 180, Tijd: 0.0859

Top woordenboek queries

Spaans - Nederlands