PFLANZE HAT - vertaling in Nederlands

plant heeft
plant kent
plant is
pflanze sind
plant seinen
dahinvegetieren

Voorbeelden van het gebruik van Pflanze hat in het Duits en hun vertalingen in het Nederlands

{-}
  • Colloquial category close
  • Official category close
  • Medicine category close
  • Ecclesiastic category close
  • Financial category close
  • Ecclesiastic category close
  • Computer category close
  • Official/political category close
  • Programming category close
Diese feurige Pflanze hat eher warm als kalt
Deze vurige plant heeft het eerder warm dan koud
Die Pflanze hat sich im vergangenem Sommer auch als gut Trockenheitsresistent gezeigt
Ook heeft de plant afgelopen zomer bewezen goed tegen de droogte te kunnen
Die äußere Qualität der Pflanze hat einen starken Einfluß nicht nur auf den Prozentsatz der überlebenden Pflanzen,
De uitwendige kwaliteit van de plant is van grote invloed, niet alleen op het percentage planten
Alles, was er gepflanzt hat, hat er wieder ausgegraben.
Alles dat hij gepland had, groef hij direct weer op.
Was er gepflanzt hat, hat er wieder ausgegraben.
Als hij iets plantte, groef hij het meteen weer op.
der Gärtner weiß, was er gepflanzt hat.
de tuinier weet dat hij heeft geplant.
Die Saat der Dunklen Seite, die dein Meister gepflanzt hat.
De zaden van de Donkere Zijde die bij je geplant zijn door jouw meester.
die Cedern des Libanon, die er gepflanzt hat.
de cederbomen van Libanon, die Hij geplant heeft;
Dendrocalamus asper niger, die er vor sieben Jahren gepflanzt hat.
Dendrocalamus asper bamboedie hij zeven jaar geleden plantte.
er vor langer Zeit einen Baum gepflanzt hat.
hij lang geleden een boom geplant heeft.
Das sind die Sonnenblumen, die meine Mutter gepflanzt hat.
Dit zijn de zonnebloemen die m'n moeder plantte.
Das Leben, das dein Mann in meinen Leib gepflanzt hat. Fühle es!
Voel het. Het leven dat je man in mijn buik stopte.
Er muss Gabriels ganzes Leben in Desmond gepflanzt haben.
Hij plantte het hele leven van Gabriel bij Desmond in.
Wenn wir einen neuen pflanzen, haben wir dann in zwei Jahren Äpfel?
Als we zaadjes planten, hebben we over twee jaar verse appels?
Wo Sie die Tulpen gepflanzt haben.
Waar u de tulpen plantte.
Der Unterschied liegt darin, dass ich es gepflanzt habe.
Het verschil is dat ik het verbouwd heb.
sie mir den Bioantrieb in den Kopf gepflanzt haben.
ze de bio-drive in mijn hoofd plaatsten.
Zum Andenken daran soll er im Schlossgarten Weilburg die Kusslinde gepflanzt haben.
Om het te herdenken, zou hij de Kusslinde in de slottuin van Weilburg hebben geplant.
Jedoch erscheinen im Garten auf einmal Störenfriede, die wir nicht gepflanzt haben: Das Unkraut!
Maar er verschijnen ook onruststokers in de tuin die wij niet geplant hebben: Onkruid!
Es sind 48 SOLs, seit ich die Kartoffeln gepflanzt habe.
Het is 48 Sols geleden dat ik aardappels plantte.
Uitslagen: 87, Tijd: 0.0353

Woord voor woord vertaling

Top woordenboek queries

Duits - Nederlands