Voorbeelden van het gebruik van Ik leren in het Nederlands en hun vertalingen in het Duits
{-}
-
Colloquial
-
Official
-
Medicine
-
Ecclesiastic
-
Financial
-
Ecclesiastic
-
Computer
-
Official/political
-
Programming
de rest kan ik leren.
Dat kan ik leren.
Ik moet leren zwijgen.
Mag ik leren schieten?
Wat moet ik je leren?
Kan ik leren Engels als vreemde taal?
Carly en ik leren nog steeds van elkaar. Ja.
Ik moet leren leven zonder je gastvrijheid.
Daarom wil ik leren golfen.
Wat moet ik hem leren?
Iedereen zegt dat ik moet leren van mijn vaders fouten.
Hoeveel kan ik leren van een reet?
Na de oorlog ging ik leren en heb me een studiebeurs bezorgd.
Ik wil leren.
Dan kan ik leren voetballen.
Maar waar moest ik dat leren?
Zij en ik leren Mandarijns.
Zodat ik kon leren ermee te leven?
Oké, als eerste ga ik je leren een CMS-interface te bouwen.