Voorbeelden van het gebruik van Jezelf in het Nederlands en hun vertalingen in het Duits
{-}
-
Colloquial
-
Official
-
Medicine
-
Ecclesiastic
-
Financial
-
Ecclesiastic
-
Computer
-
Official/political
-
Programming
Verdedig jezelf, zwijn.
Door jezelf vrij te maken, maken jullie de wereld vrij.
Neem het jezelf niet kwalijk.
Vind je jezelf gaaf, zeep?
Je zal niet met jezelf kunnen leven, Michaela.
Het antwoord ligt in jezelf.
Beschouw jezelf dus gewaarschuwd.
Sluit jezelf op ergens in een toilet.
Waarom vergelijk je jezelf met anderen?
Je hebt jezelf goed verstopt de afgelopen maanden.
Je kan jezelf niet meer redden, maar je dochter wel!
Vind je jezelf beter dan mij?
Vertel ons over jezelf, je motieven, je animus.
Vlei jezelf niet, Mexicaan.
Ik hoorde niets over jou behalve van jezelf.
Doe jezelf geen pijn, Tata!
Jezelf in een kast verstopt.
Doe jezelf een lol en laat hem gaan.
Het betekent dat jij jezelf verdedigt en niet mij.
Jij bent jezelf niet. Ja, Marla?