Voorbeelden van het gebruik van U leren in het Nederlands en hun vertalingen in het Duits
{-}
-
Colloquial
-
Official
-
Medicine
-
Ecclesiastic
-
Financial
-
Ecclesiastic
-
Computer
-
Official/political
-
Programming
Oma, wilt u me leren dansen?
Ik hoef de kunstjes niet die uw zakenpartners u leren.
Ik kan het u leren.
In uw werk kunt u veel leren.
hij wil kung fu van U leren.
Ik wil het graag van U leren.
Dat kunt u leren.
Omdat ik van u leren wil.
Dit alleen wil ik van u leren.
Dit alleen wil ik van u leren.
Dit alleen wil ik van u leren.
Dit alleen wil ik van u leren.
We willen van u leren.
Ik zal bij uw mond zijn, en u leren wat u moet zeggen.
Ik zal Zelf met uw mond zijn, en u leren wat u spreken moet.
Laat 't me u leren.
Wij willen graag van u leren.
Dus van hem hebt u leren smeden?
Ik kan veel van u leren.
Ik wil goed worden, en ik wil van u leren.