Voorbeelden van het gebruik van Waardeloos in het Nederlands en hun vertalingen in het Duits
{-}
-
Colloquial
-
Official
-
Medicine
-
Ecclesiastic
-
Financial
-
Ecclesiastic
-
Computer
-
Official/political
-
Programming
Niks persoonlijks, maar jij was waardeloos in bed. Oké.
Ja, deze stad is waardeloos.
De Mets zijn waardeloos.
Uw wapens zijn waardeloos, meneer.
Die ontspoorblokken zijn waardeloos.
Maar de regulateur is waardeloos.
Hij is waardeloos, maar ik ben eraan gehecht.
Ik ben waardeloos in bed. Net als Chic.
Ik was waardeloos, maar jullie speelden goddelijk.
Ze zijn allemaal waardeloos.
Het zal een paar weken of maanden waardeloos zijn.
Mijn leven is niet zo waardeloos.
Het was toch waardeloos.
Een piraat zonder amulet is waardeloos.
Mijn ouders waren waardeloos.
Het aanzoek was waardeloos. Het is echt.
Je geld is waardeloos in mijn stad.
Vergeten jullie hoe waardeloos je leven is?
M'n pa is waardeloos.
Ik doe dit omdat jij waardeloos bent en A.