Voorbeelden van het gebruik van Wel redden in het Nederlands en hun vertalingen in het Duits
{-}
-
Colloquial
-
Official
-
Medicine
-
Ecclesiastic
-
Financial
-
Ecclesiastic
-
Computer
-
Official/political
-
Programming
We zullen ons wel redden.
Nee. Norman, je gaat het wel redden.
Je gaat het wel redden.
maar hij gaat het wel redden.
Klopt, maar deze gaan we wel redden.
Zul je het wel redden?
Ze zal het wel redden.
Ze komt je wel redden.
We kunnen Kerstmis nog wel redden?
Goed, best. Ik weet zeker dat jullie je wel redden.
Zij komt ons wel redden.
Papa komt me wel redden.
Wil je wel gered worden?
We worden wel gered!
Denk je dat hij het wel redt in zijn eentje?
Maar hij heeft me wel gered.
Maar ze zijn toch wel gered?
je hebt me wel gered.
Ik had me wel gered.
En ik weet dat je je wel redt.