Voorbeelden van het gebruik van Wij gingen in het Nederlands en hun vertalingen in het Duits
{-}
-
Colloquial
-
Official
-
Medicine
-
Ecclesiastic
-
Financial
-
Ecclesiastic
-
Computer
-
Official/political
-
Programming
Hij ging met ons naar school, wij gingen met hem naar school.
Wij gingen net.
Wij gingen daar altijd heen.
Je ging, nee, wij gingen te vroeg.
Ivar, wij gingen.
Wij gingen naar een kind met een letsel.
Wij gingen na optredens vaak een biertje drinken.
Wij gingen naar vrienden in Nederland.
Wij gingen dus naar de Njevskij prospekt.
Wij gingen naar de rand van waanzin.
Dus wij gingen bieden en toen.
Wij gingen als vissen overboord.
Wij gingen naar Prairie City.
Wij gingen van de stad door de deur van Oosten weg, waar dichtbij Amaral werd onthoofd.
En wij gingen verder.
Wij gingen uit als tweede.
Wij gingen steun verlenen.
Wij gingen… We gaan met de helikopter.
Wij gingen links, dus hij moet.
Buck had zijn aanhang en wij gingen er naartoe.