Voorbeelden van het gebruik van Zak in het Nederlands en hun vertalingen in het Duits
{-}
-
Colloquial
-
Official
-
Medicine
-
Ecclesiastic
-
Financial
-
Ecclesiastic
-
Computer
-
Official/political
-
Programming
Oh, Zak, waar ben je?
Is een zak, net als jij!
Een zak aardappelen, alstublieft.
Hij zat in m'n zak, maar met dat georb.
Ik heb een mes in mijn zak.
Ik heb een zak.
Gekke zak, je hebt 't gedaan!
Ik ben een zak, net als mijn vader.
Zak, ik denk niet dat we hem gaan vinden.
En toen vonden ze een zak met… met een hoofd.
Jun-yeong is een zak en Dong-hoon is gewoon zielig.
Ik vond dit in zijn zak.
Zij plast in een zak.
Ik weet wat je met mijn zak gedaan hebt.
Oké. Nasri, hou de zak in de gaten!
De zak is net zijn vader.
Ted. Deze zak wil zijn steakhouse uitbreiden.
Grimmer is een zak, maar zoiets doet hij niet.
En een zak chips. Ja.
Zak is Roy niet.