Voorbeelden van het gebruik van Ze gesproken in het Nederlands en hun vertalingen in het Duits
{-}
-
Colloquial
-
Official
-
Medicine
-
Ecclesiastic
-
Financial
-
Ecclesiastic
-
Computer
-
Official/political
-
Programming
Heeft hij ze gesproken of gezien?
Ik heb ze al gesproken.
Heb je ze gesproken?
Ik heb ze allemaal gesproken.
Heb je ze gesproken?
Ik heb ze niet gesproken.
Als je al met ze gesproken hebt, zijn het geen vreemden meer.
Heb je ze gesproken?
Ik heb ze al gesproken, ze rouwen.
Heb je ze gesproken?
Heb jij ze gesproken dan?
Hebt u ze gesproken?
Ik heb ze allemaal gesproken.
Ik heb ze net gesproken, ze zijn druk met die zaak.
Heb je ze gesproken?
Heb je ze gesproken?
Wanneer heb je ze gesproken?
We willen gaan kijken na we ze gesproken hebben.
Goed, ik bel je later terug… als ik ze gesproken heb.
Ik heb met ze gesproken.