Voorbeelden van het gebruik van Afwijzen in het Nederlands en hun vertalingen in het Engels
{-}
-
Colloquial
-
Official
-
Ecclesiastic
-
Medicine
-
Financial
-
Computer
-
Ecclesiastic
-
Official/political
-
Programming
Ik moet helaas uw verzoek afwijzen.
We moeten namelijk te allen tijde discriminatie afwijzen.
De uitbreiding is een uitdaging die de Gemeenschap niet kan afwijzen.
Ik kan geen beroemdheden afwijzen.
Moet ik de eer afwijzen.
zouden we nu afwijzen.
tikt u op Afwijzen.
Je kunt de Teamsters niet afwijzen.
Ik ga dat afwijzen.
We moeten je verzoek afwijzen.
Ik zou hem wel moeten afwijzen.
Jij dacht dat ik Debra niet kon afwijzen.
Ik denk dat ik vriendelijk ga afwijzen.
Niet ververlaten. Dat je me gaat afwijzen.
Klopt, behalve dat ze de verplichting afwijzen en niets doen.
Je zou de bekeuring dus afwijzen.
En we moeten weer afwijzen, meneer Canning.
Je zal me niet afwijzen.
Bied hem wat aan dat hij niet kan afwijzen.
Ik hoopte dat je hem zou afwijzen.