Voorbeelden van het gebruik van Ben gebleven in het Nederlands en hun vertalingen in het Engels
{-}
-
Colloquial
-
Official
-
Ecclesiastic
-
Medicine
-
Financial
-
Computer
-
Ecclesiastic
-
Official/political
-
Programming
Het weeshuis.- En daar ben je gebleven.
Nee, ik ben vannacht gebleven.
Nee, ik ben vannacht gebleven.
Nee. Ik ben thuis gebleven.
De tweede keer ben ik gebleven.
Je bent naar Florida gegaan, ik ben hier gebleven.
Ik ben blij dat ik in de taxi ben gebleven.
Ja, ik ben gebleven.
Ja, ik ben gebleven.
Ik ben maagd gebleven. Mijn huwelijk was niet.
De vorige keer ben ik gebleven bij onze week over verhalen vertellen.
Ik ben gebleven aan de onderkant van het werkstuk.
Ik ben niet gebleven.
Ik ben gebleven.
Ik ben gebleven na de training.
Ik ben gebleven tot ik de kou niet meer kon verdragen.
Wel, ik ben gebleven, nu moet ik gaan.
Ik ben niet gebleven om werkloos toe te kijken.
Dat is waarom ik in Vandorf ben gebleven. Of te bewijzen?