Voorbeelden van het gebruik van Ging trouwen in het Nederlands en hun vertalingen in het Engels
{-}
-
Colloquial
-
Official
-
Ecclesiastic
-
Medicine
-
Financial
-
Computer
-
Ecclesiastic
-
Official/political
-
Programming
Dus besloot je mij te zeggen dat je ging trouwen.
Ze belde me ineens en zei dat ze ging trouwen.
We hebben het onze dochter gegeven toen ze ging trouwen.
Voor het niet vertellen dat ik ging trouwen.
Ze dachten dat je echt ging trouwen.
En zou jij niet degene zijn, die ging trouwen?
Ik hoorde dat je ging trouwen.
Had je dat niet moeten doen voor je ging trouwen?
En toen zei hij dat hij ging trouwen.
Voor ze ging trouwen.
Oom Barney ging trouwen.
We hoorden dat je ging trouwen.
De laatste keer dat je me belde, was toen je ging trouwen.
Toen hij ontwaakte, zei ik dat je ging trouwen.
Zij werd 't pas toen ze ging trouwen.
Het zat me dwars dat William ging trouwen.
Ik dacht dat ze zwanger was toen ze zei dat ze ging trouwen.
Dus ik was zwanger toen ik ging trouwen.
Ik wist niet dat ik ging trouwen.
Ik wist niet dat jij ging trouwen.